logo print

Header title

Header baseline: Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Praesent rutrum tincidunt ullamcorper. Vestibulum pellentesque aliquam tellus, et lacinia nisi id vulputate tellus porta.

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Praesent rutrum tincidunt ullamcorper. Vestibulum pellentesque aliquam tellus, et lacinia nisi id vulputate tellus porta.

Left pane

Right pane

Left box.

Lorem ipsum dolor sit amet, rutrum tincidunt ullamcorper. Vestibulum pellentesque aliquam tellus, et lacinia nisi euismod ut.

Sed tempus metus et risus consequat id vulputate tellus porta. Mauris fermentum purus eget velit commodo auctor.

Het Reisverslag van Vesper Froust

Pagetools top: print mail social media

Dag 1


Wat een bedrijvigheid! De hele groep huurlingen mobiliseert zich om weer op pad te trekken, en ik, Vesper Froust, heb de toestemming gekregen mee te reizen. Een buitenkans, want als er één ding is dat ik geleerd heb is dat waar deze diverse groep ook heen trekt, er dingen te leren en te ontdekken vallen. Het is met lichte tegenzin dat ik de Eshki Ganu ruïnes verlaat, maar deze opportuniteit is te mooi om te laten liggen. De verdere studie van de vele geschriften uit de tombe kan ik onderweg afwerken – indien ik het vertaaltempo van de groep Taoxka vrouwen die mee reizen kan bijhouden!

Ik heb wat rondgevraagd, en het reisdoel blijkt Etzuan te zijn – een Va'Raah nederzetting ver ten noordoosten van hier. Een uitgelezen kans om meer te leren over dit eervolle complexe volk. Hopelijk kan ik onderweg wat tijd doorbrengen met heer Nobu en zijn gevolg om een inzicht te krijgen in hun gewoontes en tradities alvorens we Etzuan bereiken. Een volk dat zoveel belang hecht aan protocol is geen gemakkelijk onderwerp voor studies als de mijne, dus elke voorkennis die ik kan bemachtigen helpt. Al blijf ik met twijfels zitten over dit reisdoel... Meer dan een vage richting en de belofte van het bestaan van de nederzetting heeft de groep niet, en behalve de Ti'Aturi sjamaan Gespleten Hoef lijken ze geen lokale gidsen te hebben gerecruteerd. Een riskante beslissing in een vijandige omgeving als Aturi. Misschien hopen ze nauwkeuriger coördinaten op te pikken onderweg naar het Noorden? Zouden ze langs Barend's Bron trekken voor ondersteuning? 

Nu ja. Commander Garrick en de zijnen, die de expeditie lijken te leiden, zullen wellicht niet onvoorbereid aan een dergelijke trektocht in onbekend gebied beginnen. Ik zie wellicht spoken.

Dag 3

Gelukkig houdt de groep zich aan gekende wegen, althans voor het begin van deze reis! De tocht door het Tahatani woud richting Casa Timor was, voor zover dat mogelijk is, rustig en zonder veel oponthoud. Wat een bedrijvigheid op de baan! Barend's Bron heeft de toevoeging van Neu Sieghard aan de Unie duidelijk lang voorbereid, want er zijn reeds ploegen arbeiders bezig de ruwere stukken weg vrij te maken en de begroeiing langs weerszijden terug te dringen. Onafhankelijk van wat mijn ideeën over de Unie mogen zijn, reizen binnen deze omgeving zal er wellicht sneller op worden.

Dag 7

Wel, je kan van de Veneti zeggen wat je wil, maar de ontvangst in Casa Timor was een hartelijk weerzien. Beide alcaldes waren zeer bereid onze groep een dag rust binnen hun pallisades te gunnen, en onze voorraden zijn aangevuld. Ook hier is de hand van Barend duidelijk zichtbaar: de verdediging van Casa Timor lijkt een enorme instroom van middelen gehad te hebben. De omwalling is verstevigd, en er is een duidelijk aanwezige stadswacht in het bekende zwart-wit van Barend's Bron. Maar veel tijd om de impact van de aansluiting van deze nederzetting verder te bekijken is er niet. We vertrekken al weer!

Dag 10

Kan niet veel schrijven. Naderen de Ti'Aturi nederzetting “Unaduti”, en we worden bekeken vanuit het gebladerte. Vreemde tekens op boomstammen lijken Gespleten Hoef te verontrusten. Hij heeft de groep aangeraden te wachten terwijl hij vooruit reist om contact te leggen. Een slapeloze nacht in het verschiet...

Dag 11

Slecht nieuws. De Unaduti stam weigert onze groep doorgang te verlenen door hun gebied. Ze staan erg argwanend tegenover kolonisten, een argwaan die blijkbaar heel dicht tegen agressie aan leunt. Blijkbaar zijn er regelmatige conflicten met troepen uit Eikhart, en hebben de Unaduti een "eerst schieten, dan vragen stellen" filosofie opgevat jegens kolonisten. Vermoedelijk was de vreemde richting waaruit we naderden de reden dat wij niet direct aan deze behandeling werden blootgesteld. Gespleten Hoef's initiatief heeft ons wellicht voor een grootschalig conflict behoedt, en in ons onbekende bossen tegenover een tegenstander als de Ti'Aturi is dat wellicht een goede zaak.

Helaas dwingt het ons om de weg te verlaten en de rivier de Asdza te volgen door het woud. Onze groep wordt het gebruik van de weg aan de andere oever niet toegestaan. Na enkele dagreizen zou deze samenkomen met de Abequa, die we dan verder oostwaarts kunnen volgen. Er is veel discussie, blijkbaar heeft een deel van deze groep meer vertrouwen in hun capaciteiten een hele Ti'Aturi stam op hun eigen domein aan te vallen dan in een tocht door het woud. Uiteindelijk valt dan toch de, volgens mij, juiste beslissing. Een open conflict met deze stam zou levens kosten, en is niet het doel van deze expeditie. De groep trekt langs de rivier.

Dag 14

Het woud is een gruwel. De constante aanvallen van bloedzuigende insecten (sommigen zo groot als mijn hand!), het nachtelijk geroep van de Baru die de groep onophoudend op een afstand lijken te volgen, de drukkende hitte onder het gebladerte... wat een nachtmerrie. De groep huurlingen houdt er een stevig tempo in, voor zover dit mogelijk is door het dichte gebladerte naast de rivier. De vermoeidheid begint toe te slaan bij delen van de groep, en ik heb het gevoel dat er frustraties ontstaan door de rustmomenten die steeds frequenter ingelast moeten worden. Enkele kolonisten klagen over grieperige symptomen. Wellicht een onverwacht cadeau van de vele insecten...

Dag 17

Een zware dag, die de groep niet ongeschonden door kwam. Vandaag bereikten we de vork van de twee rivieren, en meteen ook de plek waar we de rivier moesten oversteken. Er werd gekozen de Abequa over te steken om dan verder de noordelijke oever te volgen tot aan de weg richting Eikhart. Een ondiepe plek leek ideaal om de rivier te doorwaden, en aanvankelijk ging alles goed. De stroming was niet te zwaar, en de groep begon optimistisch aan de oversteek. Het grootste deel van de groep bereikte zonder probleem de overkant, en de stemming was opperbest na enkele heel zware dagen. Toen weerklonk plots het geschreeuw van een van de Strigoi. Een groot, reptielachtig wezen dat enkel uit tanden en klauwen leek te bestaan had zich uit het water opgericht en de krijger bij de arm gegrepen. Een wanhopig gevecht in het heupdiepe water begon, en met veel moeite slaagde de groep er in om het wezen van hun kameraad af te slaan. Maar het water was rood van het bloed, en de getroffene werd bleek en zwaargewond aan wal gebracht.

Dag 18

Het gekrijs hield ons heel de nacht wakker. Niet alleen waren de tanden van het watercreatuur vlijmscherp, ze lijken ook vergiftigd te zijn geweest. Hoe we verder trekken met een zwaargewonde, vergiftigde gezel wordt een zware dobber. Hopelijk beslist Commander Garrick de weg richting Eikhart op te zoeken, in plaats van verder de rivier oostelijk te volgen...

Dag 20

De weg! Wat een opluchting, eindelijk weer een teken van beschaving. De laatste twee dagen langs de rivier waren meer van hetzelfde – en dat bedoel ik op de slechtst mogelijke manier. Yaroslav Balgorodnyy, de Strigoi die gebeten werd door het watercreatuur, gaat gestaag achteruit. Hoge koorts, ijlen, projectielbraken... Indien we hem niet snel op een plek krijgen waar hij degelijk verzorgd kan worden vrees ik voor zijn overlevingskansen. Veel reizigers lijden aan vreemde uitslag, en quasi iedereen is oververmoeid. Maar nu we de weg bereikt hebben, zal reizen veel vlotter gaan. Vermoedelijk wordt de kwaliteit van de weg ook beter naarmate we Eikhart – een deel van de Unie – naderen.

Dag 22

Het lot kan vreemd toeslaan. De weg verbeterde snel, en al gauw kwamen we zelfs de eerste tekenen van activiteit vanuit de Unie tegen. Eikhart is bezig deze weg te verharden, maar momenteel liggen de werken blijkbaar stil. Ik was net in gesprek met Nou, de jonge protégé van Gespleten Hoef (wat een vreemde jongedame, overigens... intrigerend, maar ik zou kunnen zweren dat ze er vorige maand nog jaren jonger uit zag...) wanneer een schreeuw weerklonk. Morgana, de jonge Braeghan vrouw, had een kuil in de weg niet gezien en maakte een lelijke val. Het nadeel van werken aan de weg... En nog iemand die ondersteuning nodig heeft.

Dag 23

Eikhart! Het was even spannend, deze mensen zijn al een tijd deel van Barend's Unie, en het arriveren van een zwaarbewapende grote groep als deze zorgde voor een gespannen onthaal voor een gesloten poort. Het leek wel alsof we uren recht op de pijlpunten van tientallen wachters in het zwart-wit van Barend's Bron moesten kijken terwijl Herr Doktor Rektor Vilmär Lösch , gewapend met documenten die de aansluiting van Neu Sieghard bij de Unie bewijzen, probeerde onze vreedzame intenties duidelijk te maken. Maar we zijn er, onze gewonden en zieken zijn doorverwezen naar een enorm huis van genezing dat onder Barend opgericht werd, en we worden gevoed en gelaafd. Geen idee hoe onze plannen door te trekken richting Etzuan onthaald worden, gesprekken tussen Rektor Lösch , Commander Garrick en de lokale Dalathaanse leider zijn nog gaande...

Dag 27

Enkele dagen in het huis van genezing hebben wonderen verricht. De lokale genezers zijn enorm bedreven in hun kunst, en met een combinatie van Dalathaanse magie en zeer uitgebreide planten- en kruidenkennis zijn ze er in geslaagd de zieken in onze groep er weer grotendeels bovenop te krijgen. Yaroslav ziet nog wat bleek, maar het gif is geneutraliseerd en hij claimt in staat te zijn verder te reizen. Morgana's enkel is problematischer, maar Commander Garrick zegt simpelweg dat ze zal wandelen of achterblijven. Ze lijkt dat eerste te verkiezen.

Ik heb in de voorbije dagen rondgedwaald in Eikhart, maar de bevolking is heel gesloten. Ze zijn argwanend tegen de grote groep huurlingen, en lossen niet veel. Barend's aanwezigheid is duidelijk door de verstevigde omwalling, het perfect uitgeruste genezingshuis en de regelmatig patrouillerende stadswacht, en de nederzetting lijkt te floreren. Maar hier en daar leek ik toch nog onderhuidse wrevel te detecteren. Geen idee of ik het bij het rechte eind heb. Alleszins, onze voorraden zijn aangevuld tegen zeer redelijke prijzen, onze zieken zijn kosteloos verzorgd, dus een positieve balans voor de expeditie.

Heer Nobu en de zijnen lijken in het bezit gekomen te zijn van een rudimentaire kaart van de weg naar Etzuan, maar voor zover ik het begrijp is het minder "weg" en meer "houthakkerspad dat eindigt in wildernis en hopelijk een jachtpad hier en daar". Onze weg start recht het woud oostelijk van Eikhart in, en van daar is het nattevingerwerk. Zelf Barend's Bron heeft nog geen echt idee wat er tussen ons en Etzuan ligt. Hout vasthouden...

Dag 30

Het houthakkerspad was tenminste iets. Dit woud is... duister komt niet dichtbij wat ik wil zeggen. Het is stil. Te stil. Vreemde markeringen op de bomen, die zelfs Gespleten Hoef niet herkent. Het bladerdak is haast volledig gesloten, zonlicht is er niet hier beneden. Geen Baru. Geen insecten. Enkel de stenige ondergrond, de oude verwrongen bomen, en dat zachte geritsel 's nachts. Aturi, heb genade.

Dag 31

We zijn niet alleen. Verkenners vonden voetsporen. Ti'Aturi volgen ons, schaduwen ons. Het terrein wordt ruwer, de ondergrond heuvelachtiger. Waar zijn alle dieren...?

Dag 32

Weinig slaap. Drums in het woud. Oorlogsgezangen. Ze blijven op een afstand, maar hoe lang nog? We zien niks door het dichte gebladerte.

Dag 33

Verkenners vonden oude sporen. Ti'Aturi... en een gespleten hoefafdruk. Het woord "Paku" valt. De groep is verdeeld. Sommigen willen wachten, het gevaar onder ogen zien. Anderen willen verder trekken. Volgens verkenners dunt het woud verderop uit.

Dag 35?

Striemende regen. We trekken wanhopig verder. De drums klinken nu ook overdag, overal rondom ons. Geen slaap meer. Zijn we de richting kwijt? Trekken we nog oostelijk?

Dag ??

Een vreselijke brul in het woud... gevolgd door wild gejoel en gezang. Aturi sta ons bij. De Faun. Ze hebben zich achter hem geschaard...

Dag 38

We bereiden ons voor. De drums naderen, we worden gedreven, zoveel is duidelijk. Rotspartijen steken hun verraderlijke kop op onder onze laarzen, en we zijn genoodzaakt de loop van een kleine stroom te volgen. Onze verkenners claimen dat er licht is in de verte, wellicht een nederzetting. Te klein om Etzuan te zijn, als we de verhalen over die plek mogen geloven tenminste. Maar beter dan onze vijand confronteren in het woud waar zij elke boom kennen. We moeten het er op wagen. Het marstempo is moordend.

Commander Garrick en zijn Braeghan lijken opgewekter dan ooit, alsof ze het komende conflict koesteren. De Strigoi drinken en roken, en lijken niet echt bezorgd. De kleine groep Da Sindhi zijn ijzig kalm, teruggetrokken in zichzelf. De Blauwe Lotus telt koortsachtig hun voorraden, bespreken triage-methodes. Heer Nobu en zijn gevolg lijken voornamelijk nog gefrustreerder dan ze al waren, alsof Aturi zelve hen probeert te verhinderen hun reisdoel te bereiken. De kleine Kutaanse delegatie heeft zich teruggetrokken in het midden van de colonne, fluisterend en overleggend. Gespleten Hoef snuift de wind, en voedt een razernij die van hem af lijkt te stromen in tastbare golven. De jonge vrouw, Nou, loopt schijnbaar verveeld naast hem, met een half oor luisterend naar Hamzakeem's nerveuze geratel. De Taoxka vrouwen rammelen met botjes en kralen, en hun zachte incantaties vullen de lucht. De drie vreemde Kuell lijken het allemaal geamuseerd te bekijken. Om me heen hoor ik woorden vol vertrouwen. "We hebben er al erger gelegd". Maar niet iedereen in deze groep is gemaakt voor de strijd. Ik hoop dat hun zelfvertrouwen gegrond is.

Het pad verdwijnt in een greppel, de begroeiing langs weerszijden haast ondoordringbaar. De drums zijn naast ons, achter ons, voor ons. We kunnen enkel vooruit nu. Ik zie de lichten nu. Niet ver meer. We kunnen het halen.

Aturi behoed ons. Dat gebrul. Hij komt...

Pagetools bottom: print mail social media

Right box.

Now

Lorem ipsum dolor sit amet, consectetur adipiscing elit. Praesent rutrum tincidunt ullamcorper. Vestibulum pellentesque aliquam tellus, et lacinia nisi id vulputate tellus porta.

Don't miss out

Mauris fermentum purus eget velit commodo auctor. Maecenas dui tellus, mattis eu venenatis at, laoreet ut tortor. Etiam rhoncus tincidunt tristique. Cras ultrices faucibus ligula, at eleifend nunc porttitor commodo.

Volg ons:

Haven is een LARP van Oneiros vzw